17 januari 2012 ~ 0 Comments

Zweetvoeten

Als de schoen uit gaat en er een lucht van schimmelkaas de neus binnendringt, weet u hoe laat het is: zweetvoeten. Waarom hebben sommige mensen er last van en belangrijker hoe kom je er vanaf? In dit eerste deel behandelen we het 'waarom' van zweetvoeten.

Bij veel bewegen en/of fysieke belasting van het lichaam zoals kortdurende zware arbeid, minder zware langdurige arbeid en sporten, is overmatig transpireren onvermijdelijk. Afhankelijk van de tijdsduur en de inspanning kunnen meerdere liters vocht worden verloren. Het is bekend dat marathonlopers zes tot zeven liter vocht verliezen tijdens een wedstrijd. Dat is erg veel. Het verlies wordt dan ook gedurende de inspanning steeds gecompenseerd door te drinken. In meerdere wetenschappelijke publicaties wordt transpireren ook in verband gebracht met het niet goed functioneren van de nieren en de longen. Transpireren is het afscheiden van afvalstoffen van het lichaam. De nieren hebben hierbij een aantoonbaar belangrijke functie. Het verband met de longen kon nog niet geheel verklaard worden. Mogelijk heeft dit te maken met de stofwisseling.

Psychische omstandigheden
Verschillende psychische omstandigheden kunnen de oorzaak zijn van overmatige transpiratie. Grote geestelijke spanning, snel wisselende gemoedstoestanden en angst (angstzweet) zijn kenmerkende voorbeelden. Het zenuwstelsel is het systeem dat ervoor zorgt dat de mens reageert op prikkels die van buiten het lichaam komen. Geluidsprikkels, lichtprikkels, druk- en tastprikkels, maar ook pijnprikkels zijn voorbeelden die al dan niet als gevolg van psychische processen tot stand komen. Ook is wetenschappelijk vastgesteld dat de lichaamsbouw van invloed is op de mate van transpiratie. In de psychologie worden drie soorten lichaamsbouw onderscheiden, te weten:

  1. De leptosen type
  2. De atletische type
  3. De pycnische type

Bij deze typen worden in 'constructietypen volgens Knetschmer' duidelijke karakteromschrijvingen gegeven. Gezien de omschrijvingen van deze karaktertypen is het aannemelijk dat de pycnische typen door hun korte gedrongen lichaamsbouw meer zullen transpireren. De leptosen typen zullen door hun lange, slanke lichaamsbouw erg weinig transpireren. Het atletische type is zowel in lichaamsbouw als in mate van transpiratie een tussenvorm. Drukken wij bovenstaande gegevens uit in voettypes die aansluiten bij de lichaamsbouwomschrijving dan past het klompvoettype (kort, breed, hoog en vlezig) bij het pycnische type en transpireert deze het meest. Het holvoettype past het meest bij het atletische type en transpireert weinig. Het leptosen type heeft een lange, slanke en lage voet en heeft weinig of geen last van transpiratie.

Temperatuur en vochtigheid
De invloed van de temperatuur en het vochtigheidsgehalte van de omgeving waarin met zich bevindt, is van grote invloed op de mate van transpiratie. Bij hogere temperaturen openen de poriën waardoor het lichaam warmte verliest. Tijdens het openen van de poriën worden de zweetkliertjes geactiveerd waardoor zij het transpiratievocht afgeven. Bij lagere temperaturen sluiten de poriën, waardoor warmte wordt vastgehouden (bij plotselinge kou ontstaat niet zelden het zogenaamde kippenvel, dat is het sterk samentrekken van de huid). Bij een hoge vochtigheidsgraad gecombineerd met een hoge temperatuur zal de transpiratie sterk toenemen.

Leeftijd speelt een rol
Leeftijd speelt eveneens een grote rol. In normale omstandigheden transpireert iemand in de pubertijd het meest. Met het stijgen van de leeftijd neemt de transpiratie in hevigheid af. Oudere mensen transpireren weinig of niet. Ook hier zijn uitzonderingen, met name naar jongeren. Er zijn gevallen bekend van jonge kinderen die overmatig transpireren.

Zweetklieren
Transpiratie wordt dus geregeld door zweetkliertjes. In het lichaam bevinden zich twee soorten: de ecriene en de apocriene zweetkliertjes. Het ecriene zweetkliertje is een met kapsel omgeven, nerveus eindorgaan. Het menselijk lichaam bevat ruim twee miljoen van deze zweetkliertjes. Deze komen met name voor in de hoofdhuid, de handpalmen en de voetzolen. Het zijn aan de uiteinden tot kluwen opgerolde buisjes. Hun zuurafscheiding vormt een beschuttende zuurmantel en remt daardoor de bacteriegroei. Ze dienen tevens voor verdamping (zogenaamde waterregulatie) en het uitscheiden van afvalstoffen. Het apocriene zweetkliertje is een geurkliertje en werkt onder invloed van de zogenaamde vegetatieve zenuwen (niet zelf te regelen). Ze bevinden zich onder andere in de okselholte, maar ook in de liezen en onder de voetzolen. Ze zijn vertakt en hebben wijde recenserende uiteinden. Hun alkalische uitscheidingsproduct bevat geurstoffen. Aangezien bij deze zweetkliertjes de beschuttende zuurmantel ontbreekt, kunnen op deze plaatsen infecties tot stand komen. De uiteinden van deze kliertjes worden omvat door spoelvormige myo-epitheelcellen die onder invloed van de vegetatieve zenuwen het uitscheidingsproduct kunnen uitpersen.

Transpirerende voeten
De huid van de voet bestaat uit samengesteld epitheelweefsel. De voet is op bepaalde plaatsen behaard, zoals aan de bovenzijde. Onder de voetzool en tussen de tenen bevindt zich geen beharing. De functie van haar is tastgewaarwording en warmtebescherming. Aan het haarschachtje bevinden zich de talgkliertjes. De talg verlaat de kliertjes zodra deze daartoe een impuls krijgen zoals bij het ontstaan van kippenvel, waarbij de haartjes recht overeind gaan staan. Ook door massage kunnen deze talgkliertjes een impuls krijgen. De talg is vettig waardoor het de huid beschermt tegen de invloed van zuren. Op die plaatsen waar geen haargroei is, ontbreekt ook de talg en hebben de zuren vrij spel. Te veel transpiratie(zuren) kunnen de huid aantasten. Het is aangetoond dat de huid tussen de tenen het eerst wordt aangetast door kloven, eczemen en schimmels. In de praktijk is gebleken dat de huid onder de voorvoet de meest kwetsbare zone is voor virussen (wratten), schimmels en huidinfecties. Voetwratten bij kinderen bijvoorbeeld, komen bijna altijd voor aan de voorzijde van de voetzool. Wetenschappelijke publicaties hierover zijn mij echter niet bekend. De kennis berust vooral op ervaring, opgedaan in mijn eigen praktijk.

Schoenen en zweetvoeten
Wanneer men in het algemeen overmatig transpireert, dan heeft dat onplezierige gevolgen. Een overhemd moet wat vaker gewassen worden en men moet wat vaker het voorhoofd wissen. Bij zweetvoeten zijn de ongemakken veel groter omdat men via de voeten veel afvalstoffen uitscheidt. In de schoenen, waar het warm en vochtig is, ontstaat dan een gunstig klimaat voor bacteriegroei. In dit klimaat groeien bacteriën zeer snel en sterven vervolgens weer af. In de periode dat men de schoenen niet draagt, verdampt weliswaar het vocht maar de vaste stoffen die zich in het transpiratievocht bevinden (95 procent water – 5 procent vaste stoffen) nestelen zich in de binnenzool en verdwijnen niet meer. In de loop der tijd raakt de binnenzool verzadigd. De binnenzool stinkt, krult op en breekt meestal. Gelijktijdig ziet men dan aan de binnen- en buitenkant van de schoenen witte kringen ontstaan en scheurt het leer daar af. Een en ander is voor de persoon zelf, maar zeker voor z'n omgeving allesbehalve aangenaam. Het komt niet zelden voor dat de penetrante geur van de schoenen op afstand te ruiken is. Vaak is niet te zien dat de betreffende persoon last heeft van erg pijnlijke voeten omdat door de verweking, de voethuid kapot is gelopen, met alle gevolgen van dien. De volgende keer meer.

Heb je iets gehad aan mijn blog? Wil je deze hieronder dan delen via facebook, hyves of twitter. Dank je wel.

Leave a Reply